In november 2006 is de Onderwijsnota Boppeslach door de Provinciale Staten aangenomen. Het hoofddoel van de onderwijsnota is het verbeteren van de onderwijskundige kwaliteit van het Friese basisonderwijs. Deze doelstelling wordt vanuit drie invalshoeken benaderd, te weten de onderwijskundige kwaliteit van het Friese basisonderwijs, het integraal taalbeleid en de zorg in en om het basisonderwijs. De provincie Fryslân heeft de Fryske Akademy de opdracht gegeven het ingezette beleid te evalueren. Daartoe heeft de Fryske Akademy een project opgezet. De looptijd van het project is van 2007 tot 2014. In het project is de evaluatie vertaald is in een vijftal onderzoeken. Een van de vijf onderzoeken betreft de periodieke peiling naar het onderwijsniveau van de leerlingen in het Friese basisonderwijs.
Het onderzoek wordt zoveel mogelijk afgestemd op de tweejaarlijkse metingen die in de drie onderwijsonderzoeken (onderzoek naar de onderwijskundige interventies, onderzoek naar Studio F en het onderzoek naar het drietalig onderwijsmodel) in het kader van de evaluatie van het provinciale onderwijsbeleid uitgevoerd worden. De totale onderzoeksgroep aan basisscholen (ca 100) zal met het oog op de representativiteit zonodig aangevuld worden met andere basisscholen in Fryslân. Binnen de periodieke peiling is het de bedoeling om de taal- en rekenprestaties van de Friese leerlingen te vergelijken met leerlingen uit vergelijkbare provincie en de landelijke normscores. In 2008 worden de voorbereidingen getroffen. De eerste periodieke peiling vindt plaats in het schooljaar 2009-2010. In 2011 verschijnt een rapport met de resultaten van de eerste peiling.
“Our ancestral language despised, orphaned, neglected had almost been deposed, a relic of ancient history.” Gysbert Japicx (1603-1666)